Ondernemingskamer: Gerard Sanderink voerde jarenlang wanbeleid bij Centric
In dit artikel:
De Ondernemingskamer heeft op woensdag 11 december geoordeeld dat bij zowel Centric als Oranjewoud sprake is geweest van wanbeleid. In beide zaken speelde de inmiddels veelbesproken Twentse ondernemer Gerard Sanderink jarenlang een sleutelrol. Bij Centric concludeerden de rechters dat in de periode 1 januari 2018 tot 3 november 2022 het voortbestaan van de ondernemingen onder grote druk stond.
Sanderink wordt primair verantwoordelijk gehouden: hij gaf weinig ruimte aan tegenkrachten en liet binnen bijna vijf jaar zes uitvoerende bestuurders vertrekken, wat de organisatie zwaar trof. Daarnaast wijst de Kamer ook Rian van Rijbroek aan als medeverantwoordelijke; zij had formeel geen bevoegdheden, maar trad als penvoerder van Sanderink bewust op binnen het bestuur van Centric en mengde zich herhaaldelijk in het beleid. Andere bestuurders van Centric kregen eveneens verwijten omdat zij niet of niet tijdig tegenwicht boden.
De problemen verergerden door een escalerend persoonlijk conflict tussen Sanderink en zijn ex-partner Brigitte van Egten. Sanderink zou zich steeds irrationeler zijn gaan gedragen, waardoor Centric en Oranjewoud verzeild raakten in meerdere rechtszaken en continu negatieve media-aandacht kregen. Dat brak het vertrouwen van klanten en zakelijke dienstverleners en had ernstige nadelige gevolgen voor beide bedrijven. De Ondernemingskamer stelt dat bij Centric sprake was van gebrekkig bestuur: inspraak en tegenspraak werden monddood gemaakt of genegeerd, iets wat strijdig is met basisnormen van goed ondernemerschap.
De Kamer liet eerder een onderzoek instellen naar beide bedrijven; de onderzoeksrapporten vormen de basis voor deze conclusie. Opmerkelijk is dat Centric, een it-dienstverlener uit Gouda, volgens het artikel inmiddels weer in rustiger vaarwater verkeert. De uitspraak legt vooral de nadruk op falend governance-gedrag en de persoonlijke invloed van Sanderink op bedrijfsvoering en reputatie.