TikTok-advocaat Geert Potjewijd neemt roer over bij privacywaakhond AP

woensdag, 13 mei 2026 (18:32) - Computable

In dit artikel:

Geert Potjewijd is per 1 augustus benoemd tot voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) voor een periode van vijf jaar; hij volgt Aleid Wolfsen op, die het toezichtorgaan tien jaar leidde. Potjewijd komt uit de advocatuur (De Brauw Blackstone Westbroek), waar hij mede leiding gaf aan de gegevensbeschermingspraktijk en grote, vaak technisch-juridische zaken voerde — onder meer namens ByteDance (het moederbedrijf van TikTok) in een privacygeschil. Ook heeft hij ervaring als bestuurder binnen zijn kantoor en was hij eerder docent en onderzoeker aan de Universiteit Leiden.

De AP staat voor flinke opgaven: de snelle digitalisering, grootschalige verwerking van persoonsgegevens en de opkomst van algoritmes en kunstmatige intelligentie vergroten de impact van toezicht op grondrechten. Potjewijd wordt verwacht richting en daadkracht te geven aan het toezichthouden, met aandacht voor zowel innovatie als bescherming van mensenrechten en democratie.

Zijn voorganger kreeg de afgelopen jaren forse kritiek op bestuursstijl en organisatie: de AP zou traag en soms onvoorspelbaar zijn in handhaving, slecht bereikbaar en onderbemand. Een evaluatie van Universiteit Tilburg en Berenschot (maart 2025) signaleerde onder meer gebrekkige prioritering, een moeizame interne kritiekcultuur en problemen in de externe verhouding rond onafhankelijkheid en afstemming met andere partijen; de AP leverde het rapport bovendien te laat aan het ministerie. Medewerkers die voor het onderzoek werden geïnterviewd bevestigden organisatorische knelpunten.

Monique Verdier, vicevoorzitter van de AP, benadrukt dat Potjewijd “de buitenwereld binnenbrengt” en dat zijn kennis van gegevensbescherming plus zijn motivatie om mensenrechten en democratie te versterken belangrijke kwaliteiten zijn. Potjewijd zelf noemt de digitale transformatie en AI als centrale thema’s waarvoor de toezichthouder een sterke rol moet spelen. Zijn juridische en technische ervaring maakt hem een opvallende keuze voor het herstel van vertrouwen en het professionaliseren van het toezicht in een steeds meer gedigitaliseerde samenleving.